Harmonisatie en samen opgroeien? – kinderopvang en peuterspeelzalen

Momenteel worden de voorschoolse voorzieningen geharmoniseerd. Dit proces moet zijn voltooid per 01-01-2018.
Er zijn grofweg twee soorten voorschoolse organisaties:

  1. Kinderdagverblijven (kdv) en
  2. Peuterspeelzalen (psz).

En er zijn drie soorten voorschools aanbod:

  1. halve en hele dagen ‘opvang’, voor één halve tot vijf hele dagen opvang per week;
  2. 2,5-uurs opvang, meestal tweemaal per week en
  3. voor- en vroegschoolse educatie (vve), opvang van hogere kwaliteit meestal voor viermaal 2,5 uur per week; dit kan zowel in kdv als psz worden aangeboden.

‘Opvang’ houdt kortweg in: oppas en ontwikkelingsmogelijkheden.
Vve is dus bedoeld voor kinderen met een (dreigende) achterstand in de Nederlandse taal. Deze kinderen worden doelgroepkinderen genoemd. Informatie over vve vindt u hier.

De harmonisatie die nu gaande is, houdt samengevat in:

  • Werkende ouders kunnen ook voor opvang in een psz kinderopvangtoeslag krijgen. Tot nu bestaat er alleen kinderopvangtoeslag voor opvang in een kdv.
  • De kwaliteitseisen voor kdv en psz worden gelijkgetrokken. De eisen aan psz’n zijn nu lager dan aan kdv’n. Als de eisen zijn gelijkgetrokken dan mogen psz’n onder andere niet meer werken met vrijwilligers en moet de binnen- en buitenruimte aan strengere eisen voldoen.

Kindcentra
Psz’n die aan de harmonisatie-eisen voldoen, worden ‘kindcentra’ genoemd. Dit is een naam die verwarrend is want er bestaan al jaren Integrale Kindcentra (IKC), die soms ook Kindcentra (KC) worden genoemd. (I)KC is al de nieuwe naam van de Brede School die al sinds de jaren 90 bestaat. Een brede school/(i)kc is een voorziening onder één dak waar kdv, psz, basisschool en buitenschoolse opvang zijn gehuisvest.

Samen opgroeien en gelijkere kansen
Om van psz’n kindcentra te maken, zijn veel mensen druk maar deze drukte draagt nauwelijks bij aan het oplossen van het grote probleem en dat is peutersegregatie. Peutersegregatie versterkt de ongelijke kansen van minder bedeelde kinderen.
Ondanks deze harmonisatie blijft het stelsel met twee voorzieningen – peuterspeelzaal en kinderdagverblijf – in stand. Juist het bestaan van deze twee verschillende voorzieningen belemmert het samen opgroeien van kinderen en samen opgroeien is voorwaarde voor gelijkere kansen.
Kinderen van werkende ouders gaan namelijk naar het kdv. Kinderen van niet werkende ouders naar de psz. Doelgroepkinderen (dus kinderen met een dreigende achterstand) gaan naar de psz waar verreweg de meeste vve wordt gegeven. De harmonisatie zal dat nauwelijks veranderen.
Peuterspeelzalen worden dan wel financieel aantrekkelijker voor werkende ouders maar kinderdagverblijven worden niet bereikbaar voor niet-werkende ouders. Daarvoor zouden kinderdagverblijven ‘kwart-dagen’ moeten gaan aanbieden – het tijdsblok van 2,5 uur van de peuterspeelzaal – en actief moeten gaan werven onder niet-werkende ouders. Dat zie ik nog niet gebeuren.

In deze kamerbrief van 10-02-2017 meer over de drukte rond de harmonisatie van kinderopvang en peuterspeelzaalwerk.