Meer ruimte voor nieuwe scholen (art. 23 Grondwet)

In 2012 heeft de Onderwijsraad advies uitgebracht over de werking van art. 23 Grondwet met daarbij suggesties voor modernisering (zie hier voor de het adviesrapport). Art. 23 gaat over onze vrijheid van onderwijs. De vrijheid voor ouders om eigen scholen te stichten en het recht op gelijke bekostiging van openbaar – en bijzonder onderwijs. De vrijheid uit de grondwet staat in schril contrast met de werkelijkheid: het stichten en daarna instandhouden van scholen is bijna onmogelijk en daardoor worden er bijna geen nieuwe scholen gesticht (een handjevol per jaar en daarvan haalt slechts een klein deel een zelfstandig bestaan langer dan vijf jaar). Een van de oorzaken hiervan is het begrip ‘richting’ (levensbeschouwing of algemeen).
De afgelopen twee jaar heeft het ministerie van OCW nieuwe wetgeving voorbereid. Niet geïsoleerd vanuit het Haagse kantoor, maar in samenspraak met vele mensen uit het hele land. Medewerkers van het ministerie hebben tijdens diverse gesprekken en conferenties alle denkbare input gekregen om een wetsvoorstel te maken dat meer ruimte geeft aan nieuwe scholen is én het hele stelsel overeind houdt. Het voorstel ligt momenteel bij de Raad van State.
Het wetsvoorstel lost de belemmeringen van het begrip ‘richting’ op: voortaan mogen er ook scholen worden gesticht op grond van pedagogisch- en onderwijskundige opvattingen in plaats van op levensbeschouwelijke grondslagen. Er zijn echter ook andere belemmeringen bij het stichten van een school, zoals de hoge stichtingsnorm (= minimaal aantal leerlingen) en het moeizaam verkrijgen van huisvesting. In het artikel van de Landelijke Vereniging van Onderwijsadviseurs van de VNG kunt u hierover meer lezen. Het artikel vindt u hier.